Beluister deze pagina met proReader

Wethouder Bob Duindam over bezuinigingen

zondag 5 juni 2011

De afgelopen 4 weken hebben bijna volledig in het teken van bezuinigingen gestaan. Niet mijn favoriete tijdsbesteding, maar wel (letterlijk) brood-nodig. Die 4 weken waren het voorlopig hoogtepunt van een traject dat we met het schrijven van het D66- verkiezingsprogramma in gang hebben gezet. Want werd al niet 3 jaar achtereen luid en duidelijk geroepen dat de Woerdense ambities groter waren dan de financiële mogelijkheden? Het was op dat moment ook al duidelijk dat het Rijk zou gaan inzetten op forse bezuinigingen. Kortom een dubbel gat, met een totaal bedrag van naar verwachting €13,5 miljoen. Dat gat bleek dit voorjaar opgelopen te zijn tot ruim €15 miljoen. Er moest dus wat gebeuren.

 

Als je meer dan 15% in kosten terug moet dan is kaasschaven geen optie meer. Je moet dan echte keuzes gaan maken. In overheidsland zijn dat vaak 'hoog over' keuzes, zonder dat in detail duidelijk is wat de gevolgen, de risico's en de alternatieven zijn. In Woerden hebben we gekozen voor een oplossing waarbij we in het coalitie-akkoord van 2010 een aantal heldere keuzes hebben verwoord. Daarmee was al €7 miljoen aan besparingen gerealiseerd.

 

Het afgelopen jaar hebben we alle 1500 uitgaven en inkomsten posten van de gemeente tegen het licht gehouden. Bij elke post hebben we dezelfde vragen gesteld. Welk doel dient dit? Moeten wij dat doel realiseren? Bereiken we de juiste doelgroep? Doen we dat effectief en efficiënt?? Het motto daarbij was dat wie niet kan verwoorden welk doel hij dient zijn geld kwijt is. Dat is heel anders dan gebruikelijk waarbij budgetten jaar na jaar, met inflatiecorrectie, worden toegekend. Dit systeem heet 'Zero Based Budgetting' en hebben we dit jaar voor het eerst toegepast, maar gaan we vanaf nu elk jaar doen! We hebben nu zicht op een sluitende begroting tot en met 2015. Op voorspraak van de D66 fractie hebben we €6 ton aan extra inkomsten gegenereerd door precario op leidingen te gaan heffen, naar voorbeeld van Leiderdorp. We hebben ook een meevaller van €1 miljoen in de uitkering van het Rijk ingecalculeerd. Woerden is namelijk stevig gegroeid de afgelopen jaren.

 

Daarmee zijn we er niet. Het is in overheidsland niet zo gebruikelijk strak naar je eigen financiën te kijken. Ik heb mijzelf 3 doelen gesteld die ik wil bereiken in deze (eerste!) periode als wethouder. De financiën op orde is daar een van, maar dit droge beeld leeft in mijn hoofd meer als dat van een goed lopend familiebedrijf: eigenaar, tevens directie en de medewerkers zijn persoonlijk betrokken bij de kwaliteit en kosten van hun diensten, hun klanten en hun leefomgeving. Ik heb er veel energie voor over om dat beeld voor de gemeente Woerden te verwezenlijken.

 

Daar hoort bij dat als bestuurders (zoals ik) onverantwoorde ambities aan de dag leggen er een uitlaatklep bestaat voor de ambtenaren om dat te duiden. Dat zou een hoop lijken in de kast schelen. Op de allereerste plaats is het daarvoor nodig dat het college van B&W een team vormt en niet bestaat uit solisten die allen hun eigen ‘ding’ willen bereiken. In die zin prijs ik mij bijzonder gelukkig.

 

En daarmee zijn we er nog steeds niet. De gemeentelijke financiële administratie is onwaarschijnlijk complex. Met een aantal gebruiken waar geen touw aan vast valt te knopen. Zo zijn ‘onvoorziene’ uitgaven ook consequenties van beleidskeuzes in voorgaande jaren. En zo zijn ‘onvermijdelijke’ uitgaven niet beperkt tot uitgaven die ‘niet meer te stoppen zijn’ maar bevatten die ook keuzevrijheden. Om over het begrip ‘bestaande ontwikkelingen’ nog maar te zwijgen. Weinig transparant dus, en vaak gericht op verhullend taalgebruik waarmee zowel ambtenaren als bestuurders geen zicht hebben op de te maken keuzes. Het afgelopen jaar heb ik enorm veel hulp gehad van (nieuwe) financiële medewerkers om korte metten te maken met deze ondoorzichtigheden. We hebben nu een boek met spelregels met de Raad vastgesteld waardoor de financiële transparantie en discipline beduidend zijn toegenomen. Dit boek zal voorlopig nog wel in ontwikkeling blijven.

 

En zo zijn we er nog steeds niet. Nieuwe systemen om planmatig te werken zoals IBOR (Integraal Beheer Openbare Ruimte) en MOP’s (Meerjaren Onderhouds Programma’s) zijn prachtige systemen om kosten jaren vooruit planmatig in de boeken te krijgen, maar ze nemen ook veel keuzevrijheid bij bestuurders weg.

 

Daarbij zien we dat elk jaar een geldgolf van minstens €1 miljoen (in 2010 zelfs €1,4 miljoen) naar het volgend jaar wordt doorgeschoven omdat plannen trager uitgevoerd worden dan verwacht, of de ambtelijke capaciteit ontbreekt om het gehele programma uit te voeren. De uitvoerende diensten doen dan een voorstel om dat geld gereserveerd te houden. Dat gaan we veranderen. De activiteiten die niet zijn uitgevoerd gaan door naar het volgend jaar, maar het bijbehorende geld gaat naar de algemene middelen. En ja, aan het einde van het volgend jaar zal er dan weer iets afvallen, wat op zijn beurt weer doorgaat naar het daarop volgende jaar. Totdat we echt leren plannen....

 

En uiteindelijk zijn we er nog steeds niet. Een gemeente zal namelijk nooit een bedrijf worden. Klanten hebben niet de mogelijkheid ‘ons’ in te wisselen voor een betere. En degene die een bouwvergunning aanvraagt is evengoed een klant als degene die daar bezwaar tegen maakt. Afrekenbaarheid op diensten zal dus nooit volledig zijn. Maar een heel eind kunnen we wel komen.

 

Nog even over de inhoud van de keuzes. We zitten samen in een college omdat we veel zaken gemeenschappelijk willen realiseren. Het is dus niet zo makkelijk om aan te geven wat nu precies van welke partij is. Toch zijn er voor iedere coalitie deelnemer wel enkele accenten aan te geven.

 

Zo is het uit de aard van PW duidelijk dat het bij hen vooral gaat om de sociale kant van het collegeprogramma. In grote lijnen de beleidsterreinen WMO, WSW en andere uitkeringen, Re-integratie en Minimabeleid. Minimabeleid hebben we op het huidige, meer dan strikt noodzakelijke, niveau gehouden. En de enorme ingrepen van het Rijk in de bijdragen voor WSW (en andere uitkeringen op dit vlak) en Re-integratie (waarin het Rijk volstrekt niet gelooft), hebben we als gemeente bijna volledig gecompenseerd (ruim €1 miljoen). Dat hakt er bijzonder diep in! Er waren daarin wel degelijk forse bezuinigingen te halen.

 

In de WMO doen we een aantal ingrepen in de wijze waarop wij ons werk doen, in de definitie van de doelgroep, de manier waarop we ze benaderen en, ja, ook in voorzieningen. Daarmee zal de onvermijdelijke groei, als gevolg van o.a. vergrijzing van de Woerdense bevolking, geen extra kosten (€1,2miljoen) met zich meebrengen en blijven we (bijna) binnen de door het Rijk verstrekte budgetten. Zo krijgt PW 2 uit 3! Ik hoop dat ze daarmee tevree zijn.

 

Voor de CU/SGP fractie handhaven we monumentenbeleid. Er gaan extra middelen naar verslavingsbeleid, een ander speerpunt van hun. Op het gebied van de openbare ruimte besparen we nog wel een klein bedrag, maar de cijfers uit 2010 wijzen uit dat het budget niet opgemaakt worden (ruim 6 ton over!).

 

Voor de VVD is een sluitend huishoudboekje, zonder belastingverhoging een belangrijk speerpunt. We zijn een eind op weg, en vooralsnog zonder OZB verhoging! Onze criticasters zullen het hier maar wat moeilijk mee hebben. Overigens is de afspraak dat we OZB verhoging inzetten waar dat aantoonbaar leidt tot het behoud van voorzieningen. Ook op de haven zetten we al in 2012 in en hebben we een beperkt maar overtuigend plan neergelegd dat we in september in de Raad zullen presenteren. De vergeten vaarwegen daarentegen vragen zoveel geld dat daar voorlopig geen ruimte voor gevonden is. Daarbij komt dat wij het weinig zinvol achten in beweegbare bruggen te investeren een kilometer voorbij een ‘hindernis’ van provincie (Kruipin, de doorgang tussen Oude Rijn en Kamerikse Wetering) of waterschap (de sluis bij gemaal Oud Teylingen in diezelfde Kamerikse Wetering) als deze hindernissen nog (minstens) tientallen jaren blijven liggen.

Ook voor de VVD dus 2 uit 3.

 

En dan D66. ‘Vertrouw in de eigen kracht van mensen’ zit volledig besloten in het motto van dit college ‘Slanke Overheid, Sterke Samenleving’. En in de interactieve manier waarop we dat doen zit erg veel ‘Koester de gedeelde waarden’. Een belofte aan de kiezers die al meer dan 20 jaar staat, de Westelijke Randweg, gaat nu eindelijk eens aangelegd worden. En hoewel er met het debacle van het Duurzaam Dienstenbedrijf Woerden weinig geld meer over is voor investeren in Duurzaamheid, zijn er intussen zoveel particuliere initiatieven waardoor de overheid ook niet hoeft te investeren met geld dat we daar nog veel van gaan zien. Laadpalen (5 stuks) voor elektrisch vervoer staan er intussen, de duurzaamheidslening (een motie uit de Raad), komt met een voorstel naar de Raad toe, en met de gemeentelijke gebouwen zijn we druk bezig een aantal voorstellen voor verduurzaming uit te werken. Ik ben er van overtuigd dat ook zonder geld Woerden er over 3 jaar flink duurzamer uit ziet.

 

Een nieuw hoogtepunt wordt natuurlijk de behandeling van al deze voorstellen met de Raad in 5 college behandelingen en 1, mogelijk 2 Raadsvergaderingen in Juni. Ik ga deze met vertrouwen in!

 





print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave


Volg Woerden op Twitter



Agenda

Raadsvergadering

31-5-2012Aanvang 20:00, stadhuis. Iedereen welkom!
Lees meer
RSS
 

online netwerken

Lokaal

Landelijk